Een leerling presteert het best als hij lekker in zijn vel zit. Daarom proberen we te zorgen voor een goed leef- en werkklimaat. Binnen deze situatie begeleiden docenten op twee terreinen: het kennisgebied en het sociaal-emotionele gebied.
Binnen zijn vak probeert een docent de leerling te begeleiden tot een zelfstandig lerende leerling.
De sociaal-emotionele ontwikkeling is van veel factoren afhankelijk: de thuissituatie, de sfeer op school en vooral in de klas, de juiste afdeling en het gevoel dat je er mag zijn. Op het JFC tel je mee!
Zijn eerste aanspreekpunt is zijn mentor. Die heeft contact met zijn leerlingen en met de ouders. Hij weet door verkregen informatie of meer en misschien professionelere begeleiding noodzakelijk is. In zulke gevallen neemt hij contact op met de ouders/verzorgers en met de afdelingsleider. In gezamenlijk overleg wordt dan een passende vorm van begeleiding gezocht.
Elke klas of groep op het JFC heeft een ingeroosterd mentoruur. Tijdens dit uur kan de mentor met de leerlingen spreken over hun resultaten, het welbevinden of andere zaken. Natuurlijk kan het initiatief ook van de leerling uitgaan.
Na de introductie krijgen de leerlingen van de brugklas elke week studieles van de mentor. Ze leren in dit uur algemene studievaardigheden, zoals schematiseren, uittreksels maken en woordjes leren.
Na de eerste vier maanden bekijken de mentor en de afdelingsleider wie begeleiding nodig heeft.
In de begeleidingsgroepen blijven we uitgaan van de huiswerksituatie en toepassing van strategieën. Na elk rapport wordt opnieuw bekeken welke begeleiding de leerling nodig heeft.
In het tweede leerjaar van de Mavo worden de studielessen voortgezet.
Wanneer een leerling problemen heeft met een bepaald vak, is de eigen vakdocent de eerste die in aanmerking komt om de leerling extra begeleiding te bieden. Wanneer blijkt dat er andere problemen een rol spelen of een andere begeleiding noodzakelijk is, wordt de leerling doorverwezen naar de meer specialistische hulpverlening.
Steeds meer leerlingen ondervinden problemen bij het huiswerk. Niet zelden wordt thuis de sfeer verknoeid, omdat het huiswerk telkens weer twistpunt blijkt te zijn. Ook komt het voor dat de leerling niet meer weet hoe het een en ander aan te pakken.
Studiecentrum ABC bv verzorgt de huiswerkbegeleiding; gedurende vier middagen bestaat dan de mogelijkheid na schooltijd op school onder begeleiding huiswerk te doen. De duur van de begeleiding is afhankelijk van de noodzaak. De betaling is weer afhankelijk van de gekozen frequentie.
Bedenk wel: het is geen bijles!
In het JFC is extra aandacht voor spellingsproblemen, begrijpend lezen of rekenvaardigheden en faalangst of examenvrees.
Wanneer uit toetsresultaten blijkt dat een leerling de nodige vaardigheden mist om verder te kunnen komen, is het mogelijk om individueel of in een kleine groep hulp te krijgen. Dit geldt voor begrijpend lezen, dyslexie en rekenvaardigheid.
Leerlingen die sterk geremd worden in hun prestaties door de angst te falen, krijgen in kleine groepen training om hier beter mee om te gaan. Voor examenkandidaten is er de mogelijkheid om examenvrees te reduceren door een korte cursus te volgen.
De faciliteitenpas die binnen het JFC verstrekt wordt, is bedoeld voor die leerlingen die een beperking kennen. Dit kan een gezondheidsprobleem zijn, maar ook een gedrags- en/of leerstoornis. Deze beperking en/of belemmering kan voor de leerling zo hinderlijk zijn dat facilitering gerechtvaardigd is. Aanvragen van deze pas verloopt via de teamleider. De aanvraag moet wel vergezeld gaan van een verklaring van een externe deskundige.
Binnen een grote scholengemeenschap als het JFC is het belangrijk om de individuele leerling niet uit het oog te verliezen. Dit "volgen" van de leerling begint al bij de aanmelding. De leerkracht van de basisschool geeft mondeling of schriftelijk (via het onderwijskundig rapport) relevante gegevens over de leerling door. Deze hebben betrekking op prestaties, werkhouding, werktempo en gedrag. In de brugklas gaan we op basis van deze gegevens verder. De mentoren krijgen aan het begin van het schooljaar een overzicht met de belangrijkste feiten van de leerlingen uit hun klas. In de loop van het schooljaar volgt de mentor de leerling door middel van gesprekken met ouders, leerkrachten en natuurlijk met de leerling zelf.
Een school moet een plaats zijn waar een kind zich veilig en vertrouwd voelt. Daarom is het voor de school van groot belang hier aandacht aan te besteden.
Een veilige school maak je samen: personeel, leerlingen en ouders, directie, bestuur. Daarom is het contact met de ouders ook zo belangrijk, omdat zij die informatie hebben die voor de school belangrijk is.
Het JFC wil een veilige school zijn en bespreekt daarom met de leerlingen de oorzaken en gevolgen van pestgedrag. Er wordt in verschillende leerjaren gewerkt met een pestprotocol.
Maar ook op het gebied van genotmiddelen proberen wij leerlingen te wijzen op de risico's en hen te helpen om nee te zeggen tegen deze middelen. In dit kader is er een project in samenwerking met de GGD, dat als een vast onderdeel in de vakken is geïntegreerd.
Een veilige school heeft ook alles te maken met de vraag: hoe ga je om met het eigendom van een ander? Daarom proberen wij ook op dit gebied voor leerlingen de omgeving zo veilig mogelijk te maken.
De school staat voor de uitdaging leerlingen te begeleiden en voor te bereiden op het vervolgonderwijs en de arbeidsmarkt. De leerlingen worden hiertoe op school geïnformeerd over de relatie tussen de vakken op school en de mogelijkheden op de arbeidsmarkt.
Leerlingen worden gestimuleerd open dagen (van zowel scholen als bedrijven) te bezoeken, zich aan te melden voor meeloopdagen en aanwezig te zijn op de scholenmarkt.
• Externe begeleiding
Soms zijn de problemen van dien aard dat we hulp van buitenaf moeten inroepen. De afdelingsleiders hebben regelmatig overleg met de jeugdgezondheidszorg. Soms volgt verwijzing naar Meerkanten (voorheen RIAGG).
• Jeugdgezondheidszorg Gelderland-Midden
In de tweede klas krijgen alle leerlingen van de Jeugdgezondheidszorg vragenlijsten thuisgestuurd die, nadat ze zijn ingevuld, weer mee naar school moeten worden genomen. Tegelijkertijd wordt er in de klas een wat algemenere vragenlijst afgenomen. Daaropvolgend wordt een eerste screening uitgevoerd door een doktersassistente. Het merendeel van de leerlingen zal verder geen vervolgonderzoek meer ontvangen, eenvoudigweg omdat er geen noodzaak voor is. Leerlingen waarbij wel aanleiding is tot nader onderzoek zullen daarvoor worden uitgenodigd door de jeugdarts of de jeugdverpleegkundige op de beschikbare spreekuren. Voor leerlingen bestaat er ook de mogelijkheid om zelf een afspraak te maken met de jeugdarts of jeugdverpleegkundige. Zij kunnen ook gebruik maken van het inloopspreekuur.
Daarnaast worden leerlingen op indicatie onderzocht. Alle leerlingen kunnen hiervoor in aanmerking komen, op eigen verzoek of op verzoek van ouders/verzorgers en/of de school.
Afhankelijk van de uitkomsten van het onderzoek wordt er doorverwezen naar de jeugdarts of wordt er contact opgenomen met ouders of verzorgers. Waar dat nodig is, worden oplossingen gezocht voor verdere hulp, in overleg met de leerling en rekening houdend met de geheimhoudingsplicht van de jeugdverpleegkundige en jeugdarts.
• Maatschappelijk werk
Sociale problemen op school of thuis kunnen het leren belemmeren. In overleg met de mentor en afdelingsleider wordt gekeken of kortdurende hulp voor een leerling zin heeft. Via de zorgcoördinator wordt een afspraak gemaakt voor één of meerdere gesprekken met de maatschappelijk werker. In voorkomende gevallen neemt de maatschappelijk werker contact op met de ouders en vinden er gesprekken met leerling en ouders plaats.
Niet alle problemen komen in aanmerking voor deze vorm van hulp. Wanneer de hulpvraag complex is en langdurige hulp nodig zal zijn, verwijst het Zorgadviesteam in de meeste gevallen naar Bureau Jeugdzorg. Natuurlijk kunt u als ouder ook rechtstreeks contact opnemen met Bureau Jeugdzorg in Barneveld of Ede.
• Geldergroep
Onze school heeft een samenwerkingsverband met de Geldergroep, een bureau voor school- en beroepskeuze te Arnhem. Zowel de school als de ouders kunnen leerlingen voordragen om zich te laten testen. Onderzoek kan worden gedaan naar o.a. capaciteiten, belangstelling, karakterstructuur.
In Havo-3 en Atheneum/Gymnasium-3 laten we alle leerlingen onderzoeken op capaciteiten om zo tot een verantwoorde profielkeus te komen.
Komen ouders zelf met een verzoek tot testen, dan wordt een eigen bijdrage van minimaal € 100,- gevraagd (afhankelijk van de soort test.
De contacten met de Geldergroep lopen via de decanen.